Het was weer een genoegen met jullie aan de wandel te zijn. Al was het onbreken van onze wandelende encyclopedie der intellectuele progressiviteiten, beter bekend als Johannes de Jaegher weer afwezig.
Maar dat mocht ons niet beletten de Groote Dinghen des Leevens nogmaals te bespreken. In de achtergrond van het hoog Kempische heidelandschap zijn de genoegens van het Relatieleven weer uitvoerigh besprooken. En zeker ook de valkuilen. Dit laatste mooi geillustreerd door Timo en Bodi (ook bekend als Feeff..) in hoe ze beiden over het bruggetje kwamen aangestormd aanvankelijk, maar even later voorzichtigh om niet te breekebeenen.
Maar ook waarom het leeven sneller lijkt te gaan als je ouder wordt. Hetgeen voor Jan M. niet geldt: voor hem gaat het langzaamer. Niet vreemd natuurlijk in het besef dat Abraham zijn opwachting maakt. Van, laten we zeggen, de IKEA tot de Kaarderstraat is een betrekkelijk korte afstand. Ook voor het symbool van mannelijke oudheid. Dus voor Jan is het van weezenlijckh belangh dat den tijd niet te snel gaat. De beter gestudeerde weet dat dit verschijnsel eigenlijk Ontkenning heet.
Maar goed.
Zo zijn we voortgesjokt. En kon ik als nar aan het HWCE hof niet alles horen wat besprooken is in de gelagkaamer van het slot.
Wel nog is gesproken over de wonderlijke schoonheid van de weereld na de oerknal: dat uiteindelijk die vormeloze en bitterhete energie heeft geleid tot deze prachtige wandeling op de Malpie. En de stompzinnigheid en banaliteit van de Koran, gezien in het lamplicht van 2004. Van Gogh (Theo) had gelijk. Religie moet zich kunnen ontwikkelen. Net als de ICT. Anders had ik moeten proberen te e-mailen met een Commodore 64. Niet te doen dus. (Is het toeval dat als je "Koran" omdraait een andere interpretatie van de Islam krijgt?
En om het weezen der Toevalligheeden helemaal in vol ornaat waar te nemen was er een verrassende ontmoeting met Loes. Beter bekend als Louise. Galerieprinsesse te Borkel. Muze van Cornelis Le Mair.
Moe in de beenen. Terug bij het automobiel verscheen ze uit de Malpie mist. Eerst een groot wit en haarig weezen, en daarna zij. En wat ons toe viel: Frank werd weer eens een keer herkend. (Dus als jij ooit je toevlucht zoekt in Brazilie Franciscus, weet dan dat ook daar in Rio, of in de jungle blikken van herkenning op je pad zullen zijn)
Nou. En toen zijn we op de koffie gegaan bij Louise/Loes. we hebben een wandeling door de galerie gemaakt. Stieren aanschouwd in brons en tere waterkleuren. Stillevens bewonderd van Cees. Maar vooral de ge-olieverfde en de Muze van-vlees-en-bloed aangegaapt met bewondering (en misschien ook wel een beetje nijd naar de heer Le Mair) in het mannenhart. Want zeg nou zelf: hebben wij ooit zorg gedragen voor iemand die wij onze Muze durfden noemen? Zijn wij zelf waarlijk inspirerend voor een ander weezen? En, was het toeval dat Ad, de broer van Jan gisteren nogh aan de dis heeft gezeten in de romantische keuken van Loes/Louise?
Jongens. Snel. Volg de energie uit de lagere regionen en blijf er met alle ratio van af. Val samen met wie je werkelijk bent en straal het licht uit over de Tuin der Schepping en breng tot bloei al wat bloeien wil. Van alle pure drijfveren van liefde, verwondering, scheppingsdrang en (wandel)lust maakt die grijze balkenbrij in die koppen van ons er een potje van. Oprechtheid, zo hebben we gezien, is het eenighe dat de rugh recht houdt. Een leeven langh.
Groeten, en tot op het mijlpalenfestival van Jan volgende week zaterdagh. Keep the soul alive! (Boris)